Anne Frank in de klas

Het verhaal van Anne Frank

Maak kennis met Anne Frank. Anne is een Joods meisje dat met haar familie tijdens de Tweede Wereldoorlog moest onderduiken om aan de nazi's te ontkomen. Ze wilde schrijfster worden en hield een dagboek bij. Anne Frank werd vermoord. Na de Tweede Wereldoorlog is haar dagboek gepubliceerd.

Dit stukje geschiedenis kende je waarschijnlijk al. Maar hoeveel weet je echt over het leven van Anne? Lees het verhaal van Anne Frank en maak de vragen om jouw kennis te controleren. Aan het einde van het verhaal zie je hoeveel vragen je goed en fout hebt beantwoord. Zo weet je zeker dat je goed voorbereid kunt lesgeven over Anne Frank en haar tijd.

In het verhaal dat je gaat lezen wordt de geschiedenis van Anne Frank verteld tegen de achtergrond van de Tweede Wereldoorlog en de Jodenvervolging aan de hand van acht belangrijke momenten uit haar leven. Het verhaal kun je ook voorlezen aan de klas.

 

 

Het verhaal van Anne Frank © Frans Dupont / Anne Frank Stichting

Moment 1 / Leven in Frankfurt

Het is woensdag 12 juni 1929. s Ochtends om half acht klinkt er gehuil in een ziekenhuiskamer in het Duitse Frankfurt am Main. Anne Frank laat voor het eerst van zich horen. De bevalling was zwaar en heeft de hele nacht geduurd. Maar Anne huilt zoals een kindje dat net geboren is hoort te huilen en alles lijkt goed. De verpleegkundige die moeder Edith die nacht geholpen heeft, is zo moe dat ze per ongeluk een jongen in de ziekenhuisadministratie schrijft. Maar het is een meisje: een stevige, lange baby. Annelies Marie noemen Otto en Edith haar. Het is hun tweede dochter.

Als Otto de dag daarna Edith en Anne komt bezoeken, heeft hij zijn camera meegenomen. Otto houdt van fotograferen en bijzondere momenten als deze verdienen het vastgelegd te worden. Anne is een prachtig meisje: mooie zwarte haartjes en een fijn gezichtje. Edith houdt de baby dicht tegen zich aan. Zij zal later met de fotos van Otto een mooi fotoboek met aantekeningen maken voor Anne, zoals ze dat eerder ook gedaan heeft voor Margot.

Margot is Annes drie jaar oudere zusje. Zij komt twee dagen na de geboorte van Anne met haar oma uit Aken, de moeder van Edith, naar het ziekenhuis. .

Een zusje! Ze vindt het geweldig. Ze kan niet wachten tot moeder en Anne naar huis komen, maar dat zal nog even op zich laten wachten. Edith en Anne blijven twaalf dagen in het ziekenhuis.

Leven in Frankfurt © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 1 / Leven in Frankfurt

Eenmaal thuis zal de kleine Anne snel genoeg ontdekken dat ze deel uitmaakt van twee liefdevolle Duitse families. Als ze wat groter wordt, zal ze dikwijls heerlijk uit logeren gaan bij haar oma Holländer in Aken, waar ook haar twee vrijgezelle ooms Julius en Walter wonen. Oma Frank woont in Frankfurt, net als zij. Als ze nog wat ouder wordt, zal een deel van vaders familie, onder wie haar beide neefjes, in Zwitserland gaan wonen. Ook dat worden geweldige reisjes. Maar dat komt allemaal later.

Nu woont ze met haar ouders en zus in een gezellig, groot, geel huis met groene luiken aan de Marbachweg 307 in Frankfurt. Kathi, de huishoudster, zorgt dat alles tiptop in orde is. Als Anne over een paar maanden kan kruipen, is er een wereld te ontdekken in het huis. Er is een woon- en eetkamer, keuken, slaapkamers, moeders eigen kamer en die van Kathi. En dan de lange wand met boeken van vader en moeder natuurlijk.

Het huis staat in een fijne, groene wijk. Het heeft een tuin en een balkon. Als de zon maar even schijnt, spelen er kinderen op straat. Het zijn kinderen met allemaal verschillende achtergronden. Sommige komen uit christelijke gezinnen. Anderen niet. Hun ouders hebben vaak goede banen, maar zijn niet rijk. Ze zijn bijna nooit joods zoals Anne en haar familie. De meeste joodse mensen wonen in andere wijken van Frankfurt.

Leven in Frankfurt © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 1 / Leven in Frankfurt

Als ze over een jaartje kan lopen, zal moeder haar meenemen naar de zandbak achter het huis. Ze zal het zand gooien waar ze kan. Ze zal in iedere waterplas springen die ze tegenkomt. Ze zal modder aan haar jurkje smeren. Of in haar haar. Maakt niet uit. Hoe viezer hoe beter. Moeder zal haar hoofd schudden en thuis snel iets schoons uit de kast halen. Moeder houdt van netjes. Maar vader zal er om lachen. Die Anne. De pit en de levenslust stralen van haar af. Hoe kun je boos worden op zo’n kind!

Edith zal voor haar meisjes zorgen zo goed als ze kan. En vader Otto zal ze na zijn werk in bad doen, met hen spelen en verhaaltjes vertellen. Samen zullen ze er alles aan doen om de beide meisjes een fijne en veilige jeugd te geven. Het zal hen aan niets ontbreken.

Leven in Frankfurt © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 1 / Quiz

Feedback

Otto en Edith zijn de ouders van Anne en Margot.

Nog een vraag

Moment 1 / Quiz

Feedback

Anne is op 12 juni 1929 in Frankfurt am Main in Duitsland geboren.

Nog een vraag

Moment 1 / Historisch kader

Adolf Hitler werd in 1921 de leider van de Nationaalsocialistische Duitse Arbeiderspartij, de NSDAP. Dat was toen een kleine partij. Hij was een man met extreme ideeën en hij had een manier van spreken die mensen fascinerend vonden. Daarom viel hij op.

Duitsland had in die tijd net de Eerste Wereldoorlog achter de rug, een oorlog die het zelf was begonnen. Meer dan twee miljoen Duitse soldaten werden tijdens de oorlog gedood. Anderen kwamen zwaargewond thuis. Oostenrijk, de bondgenoot van Duitsland, had meer dan één miljoen soldaten verloren. Hun tegenstanders – waaronder Frankrijk, Groot-Brittannië, Rusland en Italië – hadden ook miljoenen mensen verloren. Bovendien waren er in Frankrijk en België veel steden en dorpen verwoest.

De winnaars besloten dat Duitsland de enorme schade, die door de oorlog in hun landen was ontstaan, moest vergoeden. De afspraken daarover stonden in het Verdrag van Versailles. Duitsland had een groot probleem met dit verdrag, want het land kon de geëiste hestelbetalingen niet opbrengen. Een ander gevolg van het verliezen van de oorlog was dat delen van Duitsland nu in het bezit van de winnende landen waren. Dat stond ook in het verdrag.

 

Historisch kader © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 1 / Historisch kader

Hitler had meegevochten in de Eerste Wereldoorlog. Hij was zeer teleurgesteld dat Duitsland had verloren. Hitler was een nationalist: hij wilde dat alles aan Duitsland ook echt Duits was. De landen die zich stukken van Duitsland hadden toegeëigend na de oorlog, moesten het land teruggeven, vond Hitler. Hij wilde bovendien Duitsland en Oostenrijk samenvoegen zodat het een groot en stevig land zou worden.

Hitler was een antisemiet. Hij discrimineerde het Joodse volk vanwege hun religie en cultuur. Hij zei dat het de schuld van de Joden was dat Duitsland de oorlog had verloren. Veel Joden hadden in het Duitse leger meegevochten tijdens de oorlog, dus daar klopte helemaal niets van. Toch vond Hitler dat Joden niet meer in Duitsland thuishoorden.

Veel mensen waren het met hem oneens. Zij waren van mening dat Duitsland om hele andere redenen de oorlog had verloren. Ook waren er andere ideeën over wat er zoal nodig was om het land er weer bovenop te krijgen. De Duitse regeringen konden intussen weinig doen aan de problemen in het land. Ze vonden bijvoorbeeld geen goed antwoord op de armoede. Daardoor waren er veel opstootjes en vochten politieke partijen zelfs op straat om de macht.

Erg groot was de partij van Hitler in de eerste jaren na de Eerste Wereldoorlog niet, maar in 1928 kreeg de NSDAP toch genoeg stemmen om in het parlement te komen. Eind 1929, slechts maanden nadat Anne was geboren, klapte de economie in elkaar door een beurscrisis in de Verenigde Staten. In korte tijd namen werkloosheid en armoede enorm toe. Bij de verkiezingen van 1932 kreeg de NSDAP de grootste steun. Blijkbaar dachten veel mensen dat deze partij de problemen het beste aan kon pakken. Zo werd Hitler begin 1933 leider van de regering.

In de jaren daarvoor was hij steeds stelliger gaan beweren dat de Joden de schuld waren van de problemen van Duitsland. Hij schreef daar onder andere over in zijn boek Mein Kampf. Joden maakten zich daarom zorgen over wat Hitler en zijn NSDAP met hen van plan was.

Moment 1 / Quiz

Hoe heet het verdrag dat Duitsland na de Eerste Wereldoorlog ondertekende?

Feedback

Duitsland moet het verdrag van Versailles in 1919 ondertekenen. De Eerste Wereldoorlog is al op 11 november 1918 beëindigd. Duitsland gaat hierdoor akkoord met gebiedsinperking en het betalen van enorme herstelbetalingen aan de oude tegenstanders.

Nog een vraag

Moment 1 / Quiz

Welk boek heeft Hitler geschreven?

Feedback

In "Mein Kampf" (Mijn strijd) zet Hitler zijn gedachten op papier over o.a. de superioriteit van wat hij "het Germaanse ras" noemt. Ook is zijn gewelddadige antisemitisme in het boek te lezen. Hitler ageert tegen het Verdrag van Versailles en hij streeft naar een Groot-Germaans Rijk.

Nog een vraag

Moment 2 / Weg naar Amsterdam

Het is zomer 1933. Otto en Edith pakken hun koffers. Ze lopen zorgvuldig de kasten na, want ze willen niets belangrijks vergeten. Wat neem je mee als je niet weet hoe lang het duurt voor je weer een eigen huis hebt? Kleren natuurlijk, en dan meteen ook maar voor de herfst en de winter. Schoenen. Wat boeken en foto’s misschien en het fototoestel. Maar wat nog meer? Margot is zeven en Anne net vier jaar. Ze moeten hun speelgoed niet vergeten! De koffers raken langzaam vol.

Al een tijd denken Otto en Edith er over om het land te verlaten en ergens anders opnieuw te beginnen. Door de economische crisis die uitgebarsten is, gaat het slecht met Otto’s zaken. Om de kosten te drukken wonen ze tijdelijk bij Otto’s moeder in huis.

Maar hun onzekere financiële situatie is inmiddels niet meer de enige reden om weg te willen. Eigenlijk kunnen ze niet meer blijven. Sinds Adolf Hitler eind januari 1933 aan de macht gekomen is, zijn Otto en Edith bang voor de toekomst. Hitler laat duidelijk merken dat Joden voor hem en voor zijn partij geen volwaardige Duitsers zijn. Hitler haat Joden.

Weg naar Amsterdam © Public domain

Moment 2 / Weg naar Amsterdam

Otto heeft een jaar eerder nazi’s, aanhangers van Hitler, op straat horen zingen: ‘Als het Jodenbloed van de messen spat, dan gaat het pas weer goed. Gooi ze uit het vaderland!’ Daar is hij erg van geschrokken. En nu is de Joodse burgemeester in hun stad Frankfurt afgezet en is er een nazi-burgemeester aangesteld. De mensen die zich tegen dit soort praktijken verzetten, worden opgepakt.

Hier, in Duitsland, kunnen ze Margot en Anne geen veilige en fijne opvoeding meer bieden, zoveel is Otto en Edith nu wel duidelijk. Daarom pakken ze hun koffers en verlaten Duitsland om een nieuw leven te beginnen in Nederland.

Otto heeft hulp gekregen van zijn zwager Erich Elias uit Zwitserland. Die heeft hem geld geleend zodat hij in Amsterdam een filiaal van Opekta kan opzetten. Dit bedrijf bestaat al in andere landen en produceert een bindmiddel voor jam. Otto moet er voor zorgen dat Nederlandse huisvrouwen het bindmiddel gaan kopen. Als dat lukt, heeft Otto weer een goed inkomen en kan hij weer goed voor zijn gezin zorgen.

Otto gaat eerst alleen naar Amsterdam. Edith vertrekt met Margot en Anne naar Aken waar haar moeder en haar twee broers wonen. Ze hebben afgesproken dat Edith regelmatig bij Otto in Amsterdam zal zijn, zodat zij een woning kan zoeken terwijl Otto aan het opzetten van het bedrijf werkt.

Weg naar Amsterdam © Anne Frank Stichting

Moment 2 / Weg naar Amsterdam

Zo. De koffers zitten vol. Morgen is het tijd om te gaan. Ze moeten voor een tijdje afscheid van elkaar nemen, maar daarna zullen ze alles op alles zetten om de taal te leren en aan de nieuwe stad te wennen. Margot en Anne zullen snel genoeg nieuwe vriendinnetjes vinden, zeker als ze eenmaal op een Nederlandse school zitten. Edith en Otto zullen het huis gezellig maken en Anne en Margot aanmoedigen kinderen mee naar huis te nemen. Het zal een tijdje moeilijk zijn, maar alles komt goed.

In Nederland zijn ze veilig.

Weg naar Amsterdam © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 2 / Quiz

In welk jaar vertrekt de familie Frank naar Nederland?

Feedback

In 1933 vertrekt eerst Otto Frank naar Amsterdam. Wat later komt Edith. Samen zoeken ze een woning. Margot en Anne logeren dan bij hun oma in Aken, in Duitsland. Margot komt in december naar Amsterdam, Anne begin 1934.

Nog een vraag

Moment 2 / Quiz

Welk familielid van Anne komt ook nog naar Amsterdam?

Feedback

In maart 1939 komt oma Holländer uit Aken naar Amsterdam. In april en december 1939 zijn haar zoons Julius en Walter, Annes twee ooms, via Nederland naar de Verenigde Staten gevlucht. Het is onbekend of ze hun familie in Amsterdam hebben kunnen bezoeken.

Nog een vraag

Moment 2 / Historisch kader

Duitse Joden die de oorlog overleefden, vertelden later dat ze enorm schrokken toen Adolf Hitlers NSDAP de grootste partij werd en Hitler de leider van de regering. Zij twijfelden er niet aan dat dit grote gevolgen voor hen zou hebben, al konden ze niet voorzien welke. Nu al had Hitler veel mensen tegen de Joodse gemeenschap opgezet. Daar zou hij mee doorgaan.

Toch waren er ook Joden die dachten dat het zo’n vaart niet zou lopen. Als Hitler er inderdaad in slaagde de economie weer wat op orde te krijgen, dan zou die Jodenhaat vast wel overwaaien. Bovendien: wat moesten ze? Dit was toch ook hun land! Ze woonden hier, werkten hier, hadden hier hun familie en vrienden. Ze hadden in Duitsland een leven opgebouwd. Dat konden ze toch niet zomaar achterlaten? Want ergens anders een nieuw leven opbouwen is makkelijker gezegd dan gedaan.

Langzaam maar zeker werd alles anders in Duitsland. Sinds Hitler in 1933 leider van de regering geworden was, veranderde Duitsland van een democratisch land in een dictatuur. Er was maar één mening, één visie, één aanpak die telde en dat was die van Adolf Hitler. Mensen die kritisch waren of in verzet kwamen, verdwenen in strafkampen.

 

Historisch kader © Public domain

Moment 2 / Historisch kader

In 1935, twee jaar nadat de familie Frank naar Nederland was gekomen, werden de Neurenberger wetten aangenomen: wetten die het leven voor Joden in Duitsland nog moeilijker maakten. Duitse Joden mochten nu bijvoorbeeld niet meer met Duitse niet-joden trouwen en hun burgerrechten werden zeer beperkt.

Het geweld tegen Joden nam steeds ernstiger vormen aan. Joden hoefden er niets voor te doen om opgepakt, vernederd of zelfs mishandeld te worden – het feit dat zij Joden waren was genoeg. In de nacht van 9 op 10 november 1938 kwam dit geweld tot een dramatisch dieptepunt. Overal in het land werden Joodse woningen, winkels en synagoges vernield en geplunderd. Deze nacht is de geschiedenis in gegaan als de Kristallnacht. Zo’n dertigduizend Joodse mannen, waaronder een oom van Anne Frank, werden gevangen genomen en ongeveer honderd Joden werden gedood. Wie tot dan toe nog dacht dat het wel mee zou vallen, was nu in paniek. Hitler deinsde nergens voor terug, zelfs niet voor moord.

 

 

Historisch kader © PD/United States Holocaust Memorial Museum

Moment 2 / Historisch kader

Veel Joden probeerden alsnog het land uit te komen. Maar de toelatingseisen van buurlanden als Nederland waren inmiddels zo streng dat dit bijna niet meer lukte. ‘We hebben genoeg aan ons zelf,’ was de reactie van de regeringen in Europa. ‘Meer dan dit kunnen we niet doen.’ En dus konden de meeste Duitse Joden geen kant meer op.

In 1933, het jaar dat Anne en haar familie zich in Nederland vestigen, woonden er ongeveer 600.000 Joden in Duitsland. Uiteindelijk lukte het ongeveer de helft om tussen 1933 en 1939 het land te verlaten.

 

 

 

Historisch kader © PD/United States Holocaust Memorial Museum

Feedback

In Nederland worden de anti-joodse maatregelen vanaf 1940 ingevoerd. In Polen moeten Joden in 1939 al met een jodenster lopen. In Duitsland vanaf 1941, en in Nederland, België en Frankrijk vanaf 1942.

Nog een vraag

Feedback

Hitler is als Rijkskanselier benoemd door de president nadat de NSDAP bij de verkiezingen 44% van de stemmen heeft behaald. Maar kort daarna stemt de nieuwe Rijksdag voor de "Ermächtigungsgesetz" (Machtigingswet). Deze wet geeft Hitler het recht om zonder tussenkomst van de Rijksdag te regeren. Hij kan dus doen wat hij wil.

Nog een vraag

Moment 2 / Quiz

Hoe heten de wetten die in 1935 werden ingevoerd?

Feedback

Deze wetten verbieden Joodse Duitsers om te trouwen met niet-Joodse Duitsers en ontnemen hen een groot deel van hun de burgerrechten. Ook wordt uitgelegd wie "Jood" is en en wie niet. Daarmee zijn ze een grote stap in de vervolging van Joden.

Nog een vraag

Moment 2 / Quiz

Hoeveel procent van de Duitse bevolking is in 1933 Joods?

Feedback

Duitsland heeft in 1933 iets meer dan 65 miljoen inwoners. Daaronder zijn ongeveer 600.000 Joden.

Nog een vraag

Moment 2 / Quiz

Feedback

Een pogrom is een aanval op joden. De "Kristallnacht" vindt plaats in de nacht van 9 op 10 november 1938. In Duitsland en Oostenrijk worden synagogen in brand gestoken en winkels en bedrijven van Joden vernield. Er vallen bijna 100 slachtoffers.

Nog een vraag

Moment 3 / Duitsland valt aan

Het is midden in de nacht. Otto, Edith, Margot, Anne en oma Holländer, Ediths moeder – die sinds een jaartje bij hen woont – worden wakker van dreigende geluiden en zware klappen. Wat is er aan de hand? Ze staan stilletjes voor het raam. Ze begrijpen het niet goed. Dit is geen onweer. Daarvoor is de lucht te helder. Dan zien ze dat het vliegtuigen zijn die af en aan vliegen. En die harde klappen lijken wel bommen die neervallen. Dit kan maar een ding betekenen: luchthaven Schiphol wordt aangevallen door het Duitse leger.

Het is 10 mei 1940 en Otto en Edith zijn verschrikkelijk geschrokken. Ze doen hun best dit niet aan Anne en Margot te laten merken. Hier zijn ze al een tijd bang voor. Ze hebben het nieuws op de voet gevolgd. Ze hebben gelezen dat Hitler als een dictator over Duitsland heerst. Ze hebben gehoord over de moorden die er gepleegd worden op Joodse mensen, over de mannen die zomaar opgepakt worden en in kampen verdwijnen. Een half jaar geleden is hij Polen binnengevallen, een maand geleden Denemarken en Noorwegen. En nu valt hij Nederland aan. Wat wil Hitler? Wil hij de baas over heel Europa worden?

De uren verstrijken. Als het licht wordt, wordt het stil. Het is een rare, onheilspellende stilte. In de vroege ochtend wordt namens koningin Wilhelmina een verklaring voorgelezen op de radio. Nu wordt hun angst bewaarheid: Duitsland heeft inderdaad Nederland aangevallen. De koningin zegt dat Nederland terug zal vechten. Nederland zal zich niet zomaar overgeven!

Duitsland valt aan © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 3 / Quiz

Welk land wordt in de Tweede Wereldoorlog als eerste aangevallen?

Feedback

Op 1 september 1939 valt Duitsland Polen binnen. Omdat Polen een bondgenoot is van Groot-Brittannië en Frankrijk verklaren beide landen de oorlog aan Duitsland, maar terwijl Polen snel wordt veroverd is er tot april 1940 bijna niet gevochten tussen deze drie landen.

Nog een vraag

Moment 3 / Duitsland valt aan

De zon schijnt inmiddels vriendelijk. Het lijkt zomaar een mooie voorjaarsdag. Niks bijzonders. Wat gebeurt er nu allemaal daar buiten en in de rest van het land? Niemand die het weet.

Anne en Margot gaan die ochtend toch maar gewoon naar school en Otto naar zijn werk. Wat moeten ze anders doen? Buiten is nog niets te merken van een oorlog. Toch worden de kinderen weer naar huis gestuurd. De scholen gaat dicht tot er meer duidelijk is.

Die avond kijken Anne en Margot toe terwijl hun ouders de ramen beplakken met verduisteringspapier zodat er geen spatje licht meer naar buiten kan. Zo kunnen de Duitse vliegtuigen minder goed zien waar ze zijn, leggen Edith en Otto ongetwijfeld uit. Maar dat het papier er ook voor moet zorgen dat de ramen minder snel uit elkaar spatten als er in de buurt een bom valt, dat vertellen ze er vast niet bij. Ze hebben Margot en Anne nooit bang willen maken en doen nu ook weer hun uiterste best om kalm te blijven.

 

 

Duitsland valt aan © Stichting de Greb / Stichting Kennispunt mei 1940

Moment 3 / Duitsland valt aan

In de dagen die volgen wordt er flink gevochten door Nederlandse en Duitse troepen, maar het Nederlandse leger is te zwak. De binnenstad van Rotterdam wordt grotendeels door het Duitse leger kapot gebombardeerd. Zij dreigen dit ook met andere steden te doen. Dan besluit Nederland zich over te geven. Vanaf nu is nazi-Duitsland de baas in Nederland.

Al op 15 mei komen vlak bij Annes huis Duitse soldaten over de Berlagebrug Amsterdam binnen. Veel mensen blijven thuis, bezorgd en angstig. Maar er zijn ook Amsterdammers die dit moment niet willen missen: veel te spannend. Er zijn zelfs mensen blij met de komst van de nazi’s. Ook in Nederland heerst werkloosheid en armoede. Misschien kan die Hitler de zaken stevig opschudden en de problemen oplossen.

Nog een dag later rijdt een triomfantelijke stoet Duitse soldaten door het centrum van Amsterdam. Ze zijn niet ver van het kantoor van Otto vandaan, maar hij en zijn mensen blijven binnen. Ook zonder de troepen te zien weten ze dat ze vanaf nu zorgen zullen hebben. Ernstige zorgen.

 

Duitsland valt aan © Beeldbank WO2 / NIOD

Moment 3 / Historisch kader

Wat in 1938 begonnen was met de Duitse annexatie van Oostenrijk en een deel van Tsjecho-Slowakije, was in korte tijd uitgegroeid tot een oorlog waar vele Europese landen bij betrokken waren. In september 1939 had Duitsland Polen aangevallen. Kort ervoor had nazi-Duitsland met de Russen een niet-aanvalsverdrag getekend. Dat gaf Hitler wat rust, want hij wilde niet ook nog met Rusland strijd leveren.

Groot-Brittannië en Frankrijk verklaarden hem de oorlog, maar grepen niet in. Ruim een maand later was Polen overwonnen. Een half jaar later trok het Duitse leger naar Denemarken en Noorwegen. Er werd gevochten en de Britten deden wat ze konden om te helpen. Maar opnieuw was het Duitse leger sterker. Slechts weken later werden Nederland, België en Luxemburg bezet. Het Duitse leger viel ook Frankrijk binnen. Italië vocht nu mee met Duitsland. Europa was in oorlog.

 

 

 

 

 

 

 

Historisch kader © Wojskowa Agencja Fotograficzna, Poland

Moment 3 / Historisch kader

In Nederland woonden inmiddels ongeveer 140.000 Joden, waarvan zo’n 30.000 Duitsland hadden ontvlucht. Ruim de helft van alle Joden in Nederland woonde in Amsterdam. In de wijk waar Annes familie woonde, de Amsterdamse Rivierenbuurt, woonden ook veel Joodse vluchtelingen uit Duitsland.

Toen duidelijk werd dat Duitsland Nederland was binnengevallen, probeerden veel Joden in paniek alsnog weg te komen. Ze probeerden bijvoorbeeld op schepen te komen die hen naar Engeland konden brengen. Sommigen lukte dat ook. De meeste Joden realiseerden zich dat ze in de val zaten. De verslagenheid was groot. Er waren Joden die besloten een einde aan hun leven te maken. Zij twijfelden er niet aan dat Hitler hen dood wenste en wilden niet wachten tot het hun beurt was. Maar velen wachtten angstig af.

In eerste instantie bleef het rustig in Nederland. Iedereen hield zijn adem in. Maar stap voor stap kregen Joodse Nederlanders met maatregelen te maken die hun leven moeilijker maakten.

Historisch kader © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 3 / Quiz

Welke Nederlandse stad wordt door het Duitse leger in mei 1940 gebombardeerd?

Feedback

Rotterdam wordt op 14 mei 1940 door de Duitsers gebombardeerd. Vrijwel het gehele centrum van Rotterdam wordt daarbij verwoest. Er vallen bij dit bombardement ongeveer 800 doden.

Nog een vraag

Moment 4 / Onderduiken

Een mooie, rustige zonnige zondag, 5 juli 1942. Een uurtje geleden zat Anne nog op het platte dak een boek te lezen in de zon. Maar de ontspannen sfeer van de ochtend is helemaal omgeslagen. Otto, Edith, Anne en Margot lopen druk heen en weer van de ene ruimte naar de andere in hun woning aan het Merwedeplein. Dit moeten ze niet vergeten. En dat niet. En dat ook niet. Sinds de kaart voor Margot vanmiddag werd afgegeven, zijn ze alle vier als een razende bezig zich voor te bereiden. Er is maar weinig tijd.

Op de kaart staat dat Margot zich moet melden om naar een Duits werkkamp te gaan. Maar dat gaat niet gebeuren, zeker niet. Otto en Edith hebben genoeg gehoord en gelezen om de nazi’s niet te vertrouwen. Ze weten dat Joden naar kampen zijn gestuurd en dat niet hebben overleefd. Geen haar op hun hoofd die er aan denkt Margot aan dat gevaar bloot te stellen.

Maar een oproep negeren is strafbaar. Dus is er maar één mogelijkheid: het hele gezin Frank gaat onderduiken. Morgenvroeg vertrekken ze. Mogelijk moeten ze langere tijd verdwijnen. Het is dus zaak niets belangrijks te vergeten.

Onderduiken © Anne Frank Fonds, Bazel / Anne Frank Stichting, Amsterdam

Moment 4 / Quiz

In welk land ligt kamp Westerbork?

Feedback

Westerbork ligt in Nederland, in de provincie Drenthe. Vanuit dit kamp vertrekken veel transporten naar de kampen in het Oosten.

Nog een vraag

Moment 4 / Onderduiken

Otto is al maanden, met de hulp van zijn medewerkers Kugler en Kleiman, bezig de onderduikplek in gereedheid te brengen. Sterker nog: hij had al een datum gepland waarop ze naar de onderduikplek zouden gaan: 16 juli. Nu een oproep voor Margot gekomen is, kunnen ze het niet langer uitstellen.

Anne wist helemaal niet van vaders onderduikplannen. Ze weet ook niet waar ze heen zullen gaan. Misschien wel naar een boerderij, ergens op het platteland. Geen idee. Ze weet alleen dat ze spulletjes bij elkaar moet zoeken.

Anne pakt als eerste haar dagboek. Dat heeft ze twee weken geleden voor haar dertiende verjaardag gekregen. Ze is er geweldig blij mee. Dat dagboek moet in ieder geval mee. En de vulpen die ze van oma Holländer heeft gekregen. En verder?

Miep komt langs. Zij is een medewerker van Otto en komt wel vaker bij de familie thuis. Miep heeft haar man Jan meegenomen. Ze krijgen spullen mee die ze onder de jas stoppen en in de zakken. Later komen ze nog eens terug voor een tweede lading. Ze zeggen dat ze er voor zullen zorgen dat die spullen op het onderduikadres terecht komen.

Onderduiken © Anne Frank Stichting

Moment 4 / Onderduiken

Otto en Edith leggen Anne uit dat ze geen koffers mee kunnen nemen. Dat zou opvallen. Joden mogen immers niet meer reizen. Iemand zou hen kunnen verraden. Bovendien zullen ze een eind moeten lopen. De tassen moeten daarom niet te zwaar worden. Moeder legt een stapel kleren klaar die Anne de volgende ochtend over elkaar heen moet trekken. Hoe meer ze mee kunnen nemen, hoe beter.

Wie niet mee kan, is de poes. Anne houdt veel van Moortje. Het doet haar verdriet dat ze haar moet achterlaten. Otto schrijft een briefje voor de buren en vraagt hen voor Moortje te zorgen. Dat zullen ze vast doen. Op een ander briefje, dat ze zullen achterlaten in het huis, staat een adres in Zwitserland. Het is de bedoeling dat iedereen zal denken dat ze daar naar toe gegaan zijn. Het zal de volgende dag ook de conclusie zijn van Annes vriendin Hanneli als ze aanbelt om de keukenweegschaal die Edith geleend heeft op te halen. De familie is opeens weg. Het kan niet anders dan dat ze een manier gevonden hebben om naar Zwitserland te gaan.

Maar ze gaan niet naar Zwitserland. Ze blijven dicht bij huis.

Onderduiken © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 4 / Onderduiken

Een korte nacht volgt. Margot wordt al vroeg opgehaald door Miep. Zij vertrekken samen op de fiets. Joden hebben hun fietsen in moeten leveren en dus mag Margot eigenlijk niet fietsen. Maar ze heeft de verplichte Jodenster van haar jas gehaald. Het komende half uur is ze geen Joodse. Dat is strafbaar, maar het kan niet anders. Ze moet zo snel mogelijk naar de onderduikplek. Anne weet nog steeds niet waar die is.

Buiten regent het pijpenstelen. Anne, Otto en Edith vertrekken nu ook. Ze pakken hun tassen en trekken de voordeur achter zich dicht. Tot Annes verbazing lopen ze naar Otto’s kantoor aan de Prinsengracht. Margot en Miep zijn er al. Daar, achter het kantoor, is een ruimte waar ze de komende tijd zullen gaan wonen. Ook Hermann en Auguste van Pels en hun zoon Peter zullen daar onderduiken. Het is een soort huis achter het huis. Het Achterhuis.

Onderduiken © Carel Blazer / Maria Austria Instituut

Moment 4 / Historisch kader

Voor veel Nederlandse burgers leek de bezetting in eerste instantie niet eens zo heel veel gevolgen te hebben. Mensen gingen weer aan het werk, kinderen naar school. Ze mochten het land niet uit en er ontstonden tekorten aan bepaalde producten. Maar als het hierbij bleef, dan was het nog wel te doen.

Nederlandse Joden die de oorlog overleefden, vertelden dat veel Joden dat gevoel eerst ook hadden: als het hier maar bij blijft, dan… De maatregelen tegen de Joden werden zo geleidelijk ingevoerd, dat dit gevoel een tijd bleef bestaan. In het najaar van 1940 werden Joodse ambtenaren ontslagen. Daarna werden Joden opgeroepen zich te registreren. Later, toen alle Nederlanders een persoonsbewijs bij zich moesten dragen, kregen Joden er een stempel in met de letter J. Bepaalde beroepen werden verboden voor Joden en het hebben van een eigen bedrijf ook.

In de loop van 1941 werd de lijst van wat Joden allemaal niet mochten langer en langer. Ze mochten niet zwemmen, niet naar de bioscoop, niet in de tram, niet naar de bibliotheek of de dierentuin. Na de zomer van 1941 mochten Joodse kinderen niet meer naar dezelfde scholen als niet-Joodse kinderen. Ze mochten ook geen lid meer zijn van verenigingen waar ook niet-Joden lid van waren. Daarom kwamen er speciale scholen en verenigingen voor Joden.

Historisch kader © BeeldbankWO2 / NIOD

Moment 4 / Historisch kader

Vanaf mei 1942 werden Joden verplicht een gele ster te dragen op hun kleding. Een maand later mochten ze geen groente meer kopen in niet-joodse winkels en moesten ze hun fietsen inleveren. En ga zo maar door. Joden kwamen daardoor steeds meer apart te staan van de rest van de samenleving. En dat was precies de bedoeling van de nazi’s.

Toen in juli 1942 de eerste oproepen kwamen om zich te melden voor een werkkamp, waren veel Joden erg ongerust. Ze vertrouwden het niet. Veel van hen wilden dan ook graag onderduiken. Dat was heel moeilijk, want dat betekende dat je voor alles afhankelijk werd van anderen. Wie wilde er zóveel voor je doen?

Margot Frank was een van de vierduizend joden die op 5 juli 1942 als eerste een oproep ontvingen zich te melden voor een werkkamp. Maar op 15 juli vertrok de eerste trein uit Westerbork richting Auschwitz zonder Margot. En zonder veel andere Joden die ook geen gehoor hadden gegeven aan de oproep.

De Duitse bezetter was woedend en besloot de Joden die zich niet meldden voortaan tijdens razzia’s uit hun huizen te halen. Ook werden Nederlandse politieagenten op pad gestuurd om hen op te halen. Maar er waren ook Nederlanders die onderduikadressen regelden voor Joden.

Historisch kader © Beeldbank WO2 / NIOD

Feedback

Alle Joden uit bezet Europa moeten efficient per trein naar het door Duitsland bezette Polen worden getransporteerd. Daar moeten zij in concentratiekampen soms eerst nog dwangarbeid verrichten. Vaak worden zij er meteen vermoord, onder andere door vergassing.

Nog een vraag

Moment 4 / Quiz

Wanneer vindt het eerste transport uit Westerbork plaats?

Feedback

Op 15 en 16 juli 1942 vertrekken de eerste treinen uit kamp Westerbork. Deze treinen hebben het vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau als eindbestemming. In totaal vertrekken tijdens de oorlog 93 transporten uit kamp Westerbork.

Nog een vraag

Moment 5 / Dagboek

Een jaar later. Het is maandag 12 juli 1943. In het Achterhuis is het stil, zoals altijd binnen kantoortijden. Ze zijn er immers niet! Vier van Otto’s medewerkers weten dat er onderduikers in het pand zijn. Zij zijn de helpers. Maar er zijn ook werknemers die van niets weten. En in een bedrijfsgebouw als dit lopen bovendien veel mensen in en uit. Stilte dus – ze kunnen niet voorzichtig genoeg zijn.

Maar stilte betekent nog niet dat je goed alleen kunt zijn met je gedachten, merkt Anne. Er zijn altijd mensen om je heen. En dan vaak ook nog eens gespannen mensen. Mensen die bovendien niet per se je vrienden zijn, om het maar vriendelijk te zeggen. Alleen Peter, de zoon van Hermann en Auguste van Pels die ook in het Achterhuis wonen, heeft een eigen kamer. Nou ja, kamer: het is eerder een soort halletje naar de zolder. Maar hij kan de deur wel dichttrekken. Dan is hij alleen.

Anne wil ook graag zo nu en dan alleen zijn. Straks gaat ze aan meneer Pfeffer vragen of ze daar afspraken over kunnen maken. Fritz Pfeffer is de achtste onderduiker. Hij is tandarts, even oud als haar vader en kwam in november, drie maanden nadat zij en de familie Van Pels in het Achterhuis waren ondergedoken. Sinds Pfeffer er is, deelt Anne haar kamer niet meer met Margot, maar met hem.

Dagboek © Maria Austria / Maria Austria Instituut

Moment 5 / Dagboek

Het is een smalle kamer. Hun twee bedden kunnen er net in. Het is er benauwd omdat het raam nooit open mag. Dan zou iemand immers kunnen denken dat daar iemand is. Om diezelfde redenen zijn de gordijnen ook altijd dicht. Anne slaapt met haar hoofd aan de kant van de deur, meneer Pfeffer juist aan de kant van het raam. Anders liggen ze wel erg dicht bij elkaar. En hij snurkt.

Het fijnste plekje van de kamer is het tafeltje. Als je de ruimte binnenkomt, staat het meteen links aan het voeteneind van het bed van meneer Pfeffer. Er staat een stoel bij en er boven hangt een plank met daarop een paar boeken en een schemerlamp. Het is een heel eenvoudige tafeltje, maar voor Anne is het ongelooflijk belangrijk. Daarom wil ze meneer Pfeffer vragen een paar keer per week ongestoord aan dat tafeltje te mogen zitten. Zonder hem in de kamer, dus.

Aan die tafel kan ze immers schrijven. Ze kan haar dagboek openen, haar vulpen pakken en schrijven. En schrijven. En schrijven. Er is niets zo heerlijk, maar ook niets zo belangrijk. Als het even kan, schrijft Anne iedere dag. Ze schrijft over wat ze meemaakt, wat ze voelt, over haar verdriet, haar angst, maar ook over gekke voorvallen in het Achterhuis.

Dagboek © Anne Frank Stichting

Moment 5 / Dagboek

Het is veel meer dan zomaar een beetje schrijven. Voor Anne is schrijven veel meer dan een bezigheid. Het betekent alles voor haar. Ze heeft geen vriendinnen waar ze mee kan kletsen. Ze mag helemaal niet kletsen overdag. Laat staan gillen, huilen, met de deuren slaan. Alles wat een meisje van haar leeftijd die iedere dag onder enorme spanning staat soms zou willen doen. Maar ze kan schrijven. Ze wil schrijven. Later wordt ze schrijfster. Dus er is werk aan de winkel. Nu alleen nog wat privacy. Die moet ze regelen.

Anne vraagt het zo netjes en zo vriendelijk als ze kan. Of ze alsjeblieft, alsjeblieft twee keer per week een aantal uren op de middag hun kamer voor zich alleen mag om aan het tafeltje te schrijven. Meneer Pfeffer wil er niets van horen. Hij wil aan het tafeltje zitten. Hij heeft werk te doen. Uit zijn houding spreekt: wie denk jij nou helemaal dat je bent?

Maar Anne houdt voet bij stuk en vraagt vader om hulp. Die maakt aan meneer Pfeffer duidelijk dat het tafeltje ook heel belangrijk voor Anne is. Er komt een regeling . Een regeling voor het tafeltje. Nu kan Anne zo nu en dan de deur achter zich dichttrekken en alleen zijn: alleen met papier, pen en tafeltje.

Dagboek © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 5 / Historisch kader

Terwijl de families Frank en Van Pels en Fritz Pfeffer ondergedoken zaten in het Achterhuis, voltrok zich buiten een ware nachtmerrie. Overal in Europa, maar ook elders in de wereld, werd gevochten. Amerikaanse en Britse vliegtuigen vlogen overdag en ’s nachts over Nederland met bommen, bedoeld voor Duitse steden. Dat geluid maakte telkens weer angstig.

Soms besloten de geallieerden doelen in Nederland te bombarderen omdat die in Duitse handen waren. Een voorbeeld daarvan was de Fokker-vliegtuigenfabriek in Amsterdam-Noord. De eerste bommen vielen echter niet op de fabriek, maar op de woonwijken daar in de buurt. Meer dan honderdvijftig mensen kwamen om. De oorlog drukte een zwaar stempel op ieders leven.

Voor Joden was het leven ondraaglijk geworden. Sinds in de zomer van 1942 de transporten naar Westerbork begonnen waren, leefden zij in continue angst.

Aan het begin van de oorlog hadden alle Joden een formulier moeten invullen over hun achtergrond. Was een van je ouders Joods, of allebei? En hoe zat het met je grootouders? De meeste mensen hadden die papieren destijds gehoorzaam ingeleverd.

Historisch kader © Stadsarchief Amsterdam

Moment 5 / Historisch kader

Nu werd duidelijk waarvoor de nazi’s ze nodig hadden: om Joden allemaal naar Westerbork te sturen en van daaruit naar kampen in Duitsland en in het door nazi-Duitsland bezette Polen. Wie zich niet vrijwillig kwam melden, werd tijdens grootschalige razzia’s opgehaald. Wat er in de kampen gebeurde waar Joden vanuit Westerbork naar toe gebracht werden, wist niemand precies. Maar men vreesde het ergste.

Eind september 1943 vond de laatste grote razzia plaats in Amsterdam. Er waren hele straten waarvan de huizen leegstonden. Wie nog niet opgepakt was, kon verraden worden door ‘Jodenjagers’. Dat waren Nederlanders die sympathie hadden voor de Duitse bezetters en geld met het verraad verdienden.

Veel mensen waren te bang om tegen de nazi’s in verzet te komen. Toch werd het Nederlandse verzet steeds sterker. Het was nu goed georganiseerd. Hierdoor werden mensen aan valse papieren geholpen en kreeg Nederland via illegale verzetskranten toch informatie over het verloop van de oorlog. Het verzet schuwde geweld niet als dat nodig was om bijvoorbeeld mensen vrij te krijgen of Jodenjagers te stoppen.

Historisch kader © H.J. Wijnne / Anne Frank Stichting

Moment 5 / Historisch kader

Het verzet organiseerde ook onderduikadressen voor Joden. Onderduiken was strafbaar. Er was voor alle betrokkenen veel durf nodig. Van de 140.000 Joden in Nederland slaagden er 27.000 erin onder te duiken.

Toch was er hoop dat de oorlog spoedig ten einde zou zijn. Toen Anne in de zomer van 1943 over haar tafeltje schreef, waren de Duitsers verslagen in Noord-Afrika en staken de geallieerden over naar Sicilië om in Italië door te vechten. Dat gaf veel mensen hoop op bevrijding. Maar ze moesten nog lang wachten. Pas een jaar later, op 4 juni 1944, werd Rome bevrijd. Twee dagen later leek het tij echt te keren: de geallieerde troepen kwamen aan land in het Franse Normandië. Een omvangrijke, gestructureerde aanval op het Duitse leger was begonnen.

In het Achterhuis stak Otto Frank een punaise in een kaartje van de Franse kust dat hij had opgehangen om de vorderingen van de geallieerden bij te houden. Normandië: dit gaf zoveel hoop!

Historisch kader © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Feedback

In januari 1941 hebben alle joodse Nederlanders zich moeten melden. Daardoor zijn ze makkelijk te vinden. Het bevolkingsregister is door de bezetter ook gebruikt als opsporingsmiddel van arbeidskrachten en verzetsmensen. In maart 1943 vliegt na een bomaanslag het bevolkingsregister van Amsterdam in brand.

Nog een vraag

Moment 5 / Quiz

Hoe heet de aanval op het Duitse leger in Normandië?

Feedback

Op 6 juni 1944 vallen de geallieerden met schepen, landingsvaartuigen en luchttroepen het Duitse leger langs de kust in Normandië, in Frankrijk, aan. Na hevige gevechten krijgt het geallieerde leger voet aan de grond. De aanval staat bekend als D-day.

Nog een vraag

Moment 6 / Arrestatie

Silberbauer heet hij, Karl Josef Silberbauer, en hij draagt het uniform van de Sicherheitsdienst. Hij rijdt met een auto de Prinsengracht op en stopt voor nummer 263. Die ochtend, de ochtend van 4 augustus 1944, is er een telefoontje binnengekomen op het hoofdbureau van de Duitse geheime politie. Er zouden Joodse onderduikers zitten op dit adres. Die komt Silberbauer nu ophalen. Hij heeft een paar Nederlandse politiemensen bij zich die in dienst zijn van de nazi’s. Silberbauer heeft zijn pistool in de aanslag. De andere mannen ook.

Ze hebben het hele gebouw doorgelopen en houden een van de medewerkers, meneer Kugler, onder schot. Nu staan ze in een soort kantoorruimte met daarin een houten archiefkast. Er staan mappen in de kast en daarboven hangt een landkaart. Op het eerste oog is dat niets bijzonders.

Aan de andere kant van de deur kijken de onderduikers elkaar verschrikt aan. Wat gebeurt er bij de draaikast? Op dit uur van de dag is het normaal stil. Ze horen stemmen. Vreemde stemmen. Die ene stem, is die Duits?

Arrestatie © Allard Bovenberg / Anne Frank Stichting

Moment 6 / Arrestatie

De kast blijkt te kunnen draaien. En achter de kast zit een deur. De deur zwaait open. Silberbauer gaat voorop. Hij houdt zijn pistool dreigend voor zich uit. De mannen verdelen zich: twee beneden, twee boven. Achter de deur bevindt zich een hele wereld: de wereld van acht mensen die hier nu al ruim twee jaar wonen. Al die tijd waren ze hier veilig. In een paar seconden is het voorbij. Het is 4 augustus 1944 en ze zijn verraden.

Otto en Peter, die op Peters kamer bezig zijn met zijn huiswerk Engels, worden door een gewapende man naar beneden gestuurd. Daar zien ze Margot, Anne, Edith en Auguste en Hermann van Pels staan. Ze hebben allemaal hun handen omhoog. Nu komt Fritz Pfeffer binnen. Ook hij wordt onder schot gehouden.

‘Kostbaarheden?’, zegt Silberbauer. Otto wijst naar een kistje. De mannen halen het kistje leeg. Alles van waarde moeten ze afgeven. De mannen zoeken zelf ook naar geld, sieraden en andere waardevolle spullen. Kastjes worden doorzocht, lades opengetrokken. Siberbauer ziet een aktetas staan aan het hoofdeinde van Otto’s bed. Het is de tas waarin Anne haar dagboeken en andere papieren bewaart. Ze vertrouwt ze haar vader toe. Iedere nacht, nu al twee jaar.

Arrestatie © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 6 / Arrestatie

In een paar stappen is Silberbauer bij de aktetas. Hij doet doet hem open, kijkt erin en houdt die vervolgens op de kop. Annes dagboeken ploft op de grond, net als alle andere papieren. Hij vindt ze niet interessant en laat alles liggen. Dan ziet hij een kist. Hij is verbaasd. Is dat niet een legerkist? Hoe komt die man daaraan? Otto legt uit dat hij officier was in het Duitse leger tijdens de Eerste Wereldoorlog. Daar wordt Silberbauer even stil van.

Otto, Edith, Margot, Anne, meneer en mevrouw Van Pels, Peter, meneer Pfeffer: ze krijgen wat tijd wat spullen bij elkaar te zoeken. Ze spreken nauwelijks met elkaar. De gewapende mannen kijken toe terwijl ze pakken. Dan gaan ze een voor een de trappen af, de gangen door op weg naar de voordeur. Voor het eerst in twee jaar gaan ze het gebouw verlaten. Er staat een vrachtauto voor. Naast de onderduikers moeten ook de helpers Kleiman en Kugler instappen. De onderduikers voelen de wind en de zon. Wat is dat lang geleden! Het is een stralende zomerdag, die 4de augustus van 1944, en ze hebben geen idee wat hen te wachten staat.

 

 

 

 

 

 

Arrestatie © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 6 / Quiz

Door wie zijn de onderduikers verraden?

Feedback

Tot op de dag van vandaag is de dader onbekend.

Nog een vraag

Feedback

Otto Frank was luitenant in het Duitse leger. Bij de arrestatie herkent de SD-officier Otto's legerkist uit de Eerste Wereldoorlog. Hij zegt dat Otto voor deportatie naar het concentratiekamp Theresienstadt in aanmerking had kunnen komen. Daar worden joden beter behandeld.

Nog een vraag

Moment 6 / Historisch kader

In de zomer van 1944 hadden mensen goede hoop dat de oorlog nu snel voorbij zou zijn. Sinds de geallieerden op 6 juni 1944 in Normandië waren geland, volgde Nederland de ontwikkelingen op de voet. De strijd in Normandië stond in de Nederlandse kranten, maar dan las je alleen de Duitse kant van het verhaal. Daarom luisterden mensen ook naar de Engelse zender en Radio Oranje, ook al dat was streng verboden. Sterker nog: al in de zomer van 1943 had iedereen een bevel gekregen zijn radio in te leveren.

Maar er waren Nederlanders die een oude radio inleverden en thuis toch nog stiekem een andere hadden staan. Dat gold ook voor de onderduikers in het Achterhuis. In haar dagboek vertelt Anne een aantal keren hoe zij samen naar de radio luisterden.

De geallieerden moesten eerst twee maanden felle gevechten voeren voor ze Parijs konden bereiken. Deze stad werd eind augustus 1944 bevrijd. Daarna trokken de troepen naar het oosten en het noorden. Daar bevrijdden de geallieerden begin september 1944 Antwerpen. Nederland keek nu gespannen uit naar haar eigen bevrijding. Dat kon toch niet lang meer duren!

Historisch kader © Anne Frank Stichting

Moment 6 / Historisch kader

Maar het liep anders. Half december 1944 was alleen zuidelijk Nederland, het stuk beneden de rivieren, bevrijd. De mensen daar haalden opgelucht adem. Maar voor het Noorden van Nederland brak nu een heel zware winter aan. De Duitse bezetter was niet van plan de rest van Nederland op te geven en blokkeerde de voedseltransporten. Vanaf dat moment ontstond vooral in de grote steden een tekort aan alles. De hongerwinter brak aan.

Anne en de andere zeven onderduikers waren zich hier niet van bewust. Zij werden kort na hun arrestatie naar Westerbork gebracht waar ze in de strafbarakken verbleven. Die barakken waren bedoeld voor mensen die een strafbaar feit hadden begaan, zoals onderduiken.

In Westerbork gonsde het in die tijd ook van de geruchten dat de oorlog niet lang meer kon duren. Niet alleen trokken de geallieerden uit het Zuiden naar Nederland, de Russen voerden sinds 1941 ook oorlog met Duitsland en vielen het Duitse leger vanuit het oosten aan. De nazi’s zouden nu toch geen mensen meer naar de kampen in het oosten kunnen sturen?!

Dat laatste klopte. De nazi’s zouden ook tot deze conclusie komen. Maar voor Anne, Margot, Otto, Edith en de andere onderduikers kwam dit inzicht te laat. Op 3 september 1944 werden zij samen met ruim duizend anderen op de trein gezet. Later zou blijken dat dit de allerlaatste trein was die vanuit Westerbork vertrok naar Auschwitz.

Moment 6 / Quiz

Kan Anne Frank nog schrijven over de bevrijding van Eindhoven?

Feedback

Eindhoven wordt op 18 september bevrijd. Anne is al op 5 september in kamp Auschwitz-Birkenau aangekomen. Haar laatste dagboekfragment dateert van 1 augustus 1944.

Nog een vraag

Moment 6 / Quiz

Waar is van 1944-1945 de hongerwinter?

Feedback

De hongerwinter in 1944-1945 kost 20.000 Nederlanders het leven wegens honger en de enorme kou.

Nog een vraag

Moment 7 / Kamp Bergen-Belsen

Het is koud. Zo vreselijk koud. Het is februari 1945. Of is het maart? Wie let nog op de tijd? Het is koud. Dat is het. En er is bijna niks. Bijna geen eten, geen drinken, geen warme kleding, geen dekens, geen fatsoenlijk bed om in te slapen. Er zijn alleen maar heel veel hongerige, volledig verslagen mensen. Waar je ook kijkt, lopen ze doelloos rond op zoek naar… ja, naar wat eigenlijk? Het enige wat er te vinden is, is dood, ziekte, ellende en reddeloosheid.

Anne! ‘

Een van de mensen te midden van alle schimmen in het kamp, is Auguste van Pels. Ze heeft net een bijzondere ontmoeting gehad en kan niet wachten er Anne over te vertellen.

Anne en Margot zijn net als Auguste van Pels in Bergen-Belsen in Duitsland beland. Vanuit het Achterhuis zijn zij nu zo’n zeven maanden geleden naar Westerbork gebracht. Daarna moesten zij naar Auschwitz, het Duitse concentratiekamp in Polen. Onverwacht werden Margot en Anne opnieuw op transport gesteld. Moeder is in Auschwitz achtergebleven.

Vader hebben ze sinds de aankomst in Auschwitz niet meer gezien. Dat geldt ook voor Peter, meneer Van Pels en meneer Pfeffer. Ze zijn iedereen kwijt. Maar nu heeft mevrouw Van Pels nieuws voor Anne. Ze heeft iemand gevonden die Anne heel dierbaar is. Dat zal haar vast goed doen.

Kamp Bergen-Belsen © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Moment 7 / Kamp Bergen-Belsen

Anne en Margot zijn net als Auguste van Pels in Bergen-Belsen in Duitsland beland. Vanuit het Achterhuis zijn zij nu zo’n zeven maanden geleden naar Westerbork gebracht. Daarna moesten zij naar Auschwitz, het Duitse concentratiekamp in Polen. Onverwacht werden Margot en Anne opnieuw op transport gesteld. Moeder is in Auschwitz achtergebleven.

Vader hebben ze sinds de aankomst in Auschwitz niet meer gezien. Dat geldt ook voor Peter, meneer Van Pels en meneer Pfeffer. Ze zijn iedereen kwijt. Maar nu heeft mevrouw Van Pels nieuws voor Anne. Ze heeft iemand gevonden die Anne heel dierbaar is. Dat zal haar vast goed doen.

Anne is ziek. Ze heeft vlektyfus. Dat is een besmettelijke ziekte die je extra snel krijgt als je verzwakt bent en er viezigheid is. Je krijgt er koorts en buikpijn van en moet overgeven. En omdat iedereen verzwakt is en hygiëne ver te zoeken is, heeft zo ongeveer iedereen vlektyfus. Margot ook.

‘Anne, ik heb je vriendin gevonden. Het is Hanneli. Zij is hier ook!’

Hanneli. Dat is ongelooflijk nieuws. In het Achterhuis heeft Anne over haar gedroomd. Hanneli was in haar droom in een afschuwelijk kamp terecht gekomen, terwijl Anne veilig was in het Achterhuis. Ze hebben elkaar tweeënhalf jaar niet gezien en gesproken. Nu is zij hier. En te midden van al die tienduizenden mensen, heeft mevrouw Van Pels haar gevonden.

Hanneli zal die avond naar het prikkeldraad komen. Zij zal aan de ene kant staan en Anne aan een andere. Als het lukt, tenminste. Ze zullen een groot risico lopen. Want mensen uit de verschillende delen van het kamp mogen geen contact met elkaar hebben en overal staan wachttorens. Rietstengels zijn door het prikkeldraad gevlochten tot een hoge afscheiding tussen Annes deel van het kamp en dat van Hanneli. Ze zullen elkaar daarom niet kunnen zien. En ze zullen weinig tijd hebben. Maar ze gaan het proberen.

Moment 7 / Kamp Bergen-Belsen

Anne is ziek. Ze heeft vlektyfus. Dat is een besmettelijke ziekte die je extra snel krijgt als je verzwakt bent en er viezigheid is. Je krijgt er koorts en buikpijn van en moet overgeven. En omdat iedereen verzwakt is en hygiëne ver te zoeken is, heeft zo ongeveer iedereen vlektyfus. Margot ook.

‘Anne, ik heb je vriendin gevonden. Het is Hanneli. Zij is hier ook!’

Hanneli. Dat is ongelooflijk nieuws. In het Achterhuis heeft Anne over haar gedroomd. Hanneli was in haar droom in een afschuwelijk kamp terecht gekomen, terwijl Anne veilig was in het Achterhuis. Ze hebben elkaar tweeënhalf jaar niet gezien en gesproken. Nu is zij hier. En te midden van al die tienduizenden mensen, heeft mevrouw Van Pels haar gevonden.

Hanneli zal die avond naar het prikkeldraad komen. Zij zal aan de ene kant staan en Anne aan een andere. Als het lukt, tenminste. Ze zullen een groot risico lopen. Want mensen uit de verschillende delen van het kamp mogen geen contact met elkaar hebben en overal staan wachttorens. Rietstengels zijn door het prikkeldraad gevlochten tot een hoge afscheiding tussen Annes deel van het kamp en dat van Hanneli. Ze zullen elkaar daarom niet kunnen zien. En ze zullen weinig tijd hebben. Maar ze gaan het proberen.

Beide lopen ze die avond langs het prikkeldraad en noemen zachtjes elkaars naam.
‘Anne.’
‘Hanneli.’
Ze lopen net zo lang langs het prikkeldraad tot ze elkaar gevonden hebben. Dan fluisteren ze elkaar snel wat toe. Hanneli vertelt dat ze samen met haar oma, vader en zusje in het kamp is. En dat ze dacht dat Anne veilig in Zwitserland zou zitten.

Anne zegt dat haar vader en moeder dood zijn. Dat kan bijna niet anders. Dat Margot heel ziek is. En dat ze vreselijke honger hebben.

Moment 7 / Kamp Bergen-Belsen

Hanneli zit in een deel van het kamp waar het wat beter is, omdat ze er soms voedselpakketten krijgen. Ze belooft Anne op zoek te gaan naar iets te eten. Een paar dagen later zullen ze elkaar dan weer treffen.

‘Hanneli.’
‘Anne, ben je daar?’
‘Ja, hier.’
‘Ik gooi een pakje over het prikkeldraad. Hier komt het.’

Hanneli heeft wat eten bij elkaar gescharreld. Het is niet veel, maar voor Anne en Margot die inmiddels heel zwak zijn, van levensbelang. Dan hoort Hanneli gehuil. Het is Anne. Ze heeft het pakje niet gevangen. Dat heeft een andere vrouw gedaan. En die is snel met de buit weggehold.

Hanneli probeert Anne moed in te spreken. En ze belooft het nog een keer te proberen. Nog weer een paar dagen later lukt het. Anne heeft Hanneli weer gevonden en ditmaal haar pakje gevangen. Ze zal het snel met Margot openmaken. Die is inmiddels ontzettend ziek.
‘We spreken elkaar weer hier, bij het prikkeldraad,’ spreken ze af.

Hoe kunnen ze weten dat dit de laatste keer is dat ze elkaars stemmen zullen horen?

 

Kamp Bergen-Belsen © Martijn van der Linden / Anne Frank Stichting

Feedback

Om de sporen van de moord op de joden  uit te wissen worden er kampen ontruimd en zoveel mogelijk verwoest. Gevangenen in vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau worden vanaf het najaar 1944 naar kampen in andere delen van Europa getransporteerd. Bergen-Belsen ligt in Noord-West Duitsland.

Nog een vraag

Moment 7 / Historisch kader

De winter van 1944 en 1945 was vreselijk moeilijk voor het nog niet bevrijde deel van Nederland. Met name in de steden en in het westen van Nederland was een schreeuwend gebrek aan voedsel. Mensen gingen op hongertochten naar het platteland, waar de situatie beter was, met spullen die ze hoopten te kunnen ruilen voor eten: trouwringen, zilveren bestek, horloges. Na de oorlog zou blijken dat ruim tienduizend mensen die maanden gestorven zijn van de honger.

Sinds 1942 werden Nederlandse mannen gedwongen voor de Duitse bezetter te werken. Wie zich niet meldde, dreigde te worden opgepakt. Nederland was bang en de wanhoop was groot. Wanneer kwam er nu toch eindelijk een einde aan deze afschuwelijke oorlog? De geallieerden leken niet verder te komen dan de rivieren. De winter was bitter koud en er was een groot gebrek aan brandstof.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Historisch kader © Beeldbank WO2 / Nationaal Oorlogs- en Verzetsmuseum Overloon

Moment 7 / Historisch kader

In het oosten van Europa trokken inmiddels de Russen steeds verder op naar Duitsland. Nazi’s, overtuigd dat de strijd verloren was, begonnen zoveel mogelijk sporen van hun ongekende wreedheden uit te wissen. De gaskamers en crematoria van Auschwitz werden vernietigd. Documenten werden verbrand. De wereld mocht niet ontdekken dat hier ruim een miljoen mensen vermoord waren. Gevangenen werden zoveel mogelijk naar andere kampen in Duitsland en Oostenrijk getransporteerd.

Zo kwamen Anne en Margot in november 1944 in het Duitse Bergen-Belsen terecht. De enorme stroom nieuwe gevangenen uit andere kampen kon daar onmogelijk worden opgevangen. De ellende was onbeschrijflijk.

Twee maanden nadat Anne en Margot naar Bergen-Belsen waren gestuurd, werden de overgebleven gevangenen van Auschwitz volledig verzwakt op weg gestuurd naar andere kampen. In open vrachtwagens of treinen. Of lopend. In de ijzige kou. Met nauwelijks geschikte kleding en schoenen. Met nauwelijks eten. Onderweg bleven velen ergens aan de kant van de weg achter om te sterven. Wie niet doorliep, werd doodgeschoten.

Historisch kader © Imperial War Museums

Moment 7 / Historisch kader

Otto Frank bleef ziek in het kamp achter terwijl de laatste nazi’s vertrokken. Dat werd zijn redding. Concentratiekamp Auschwitz werd op 27 januari 1945 bevrijd door de Russen. Otto was uitgeput, maar hij leefde en was vrij. Onderweg naar huis hoorde Otto Frank al over de dood van Edith. Toen hij maanden later aankwam in Nederland, dat sinds mei 1945 ook vrij was, had hij maar doel: zijn meisjes vinden. Maar zijn meisjes hadden hetzelfde lot ondergaan als zes miljoen andere Joden. Ze bleken slechts weken voor de bevrijding van Bergen-Belsen door honger en ziekte te zijn gestorven.

De ongekende wreedheid van het naziregime kwam tijdens de opmars van de geallieerden door Duitsland, Oostenrijk en de bezette gebieden aan het licht. Het zorgde voor een schok, maar ook voor ongeloof. Toen Belgen-Belsen in april 1945 door de Engelsen werd bevrijd, konden zij bijna niet geloven wat ze zagen. Hoe had dit kunnen gebeuren? Zij zetten alles op alles om alsnog zoveel mogelijk mensen te redden. Maar veel mensen waren zo ziek en ondervoed dat 12.500 van hen in de maand na de bevrijding alsnog stierven.

Historisch kader © Anne Frank Stichting

Moment 8 / Het boek

Het is voorjaar 1947. Otto Frank heeft een boek in zijn handen. Op de omslag staan donkere wolken en de titel van het boek: Het Achterhuis. Bovenaan, in gele letters, staat de naam van de schrijfster: Anne Frank. Achttien jaar zou ze geworden zijn over een paar maanden. En wat zou ze ongelooflijk trots zijn geweest op dit boek, dit échte boek waar ze tijdens de onderduik in het Achterhuis aan werkte. Zo vaak had ze zich afgevraagd of ze wel goed genoeg kon schrijven om een boek te publiceren. En of mensen haar verhalen wel interessant genoeg zouden vinden om te lezen. Maar nu is het boek er. Annes droom is uitgekomen.

Het boek zou er niet gekomen zijn als de helpers Miep en Bep na de arrestatie van de onderduikers niet teruggegaan waren naar het Achterhuis. Kort nadat de Sicherheitsdienst de familie Frank, de familie Van Pels en tandarts Pfeffer had opgepakt, waren Miep en Bep stiekem het Achterhuis binnengegaan en hadden het dagboek en de andere schriften, kasboeken en vellen die Anne volgeschreven had, meegenomen. Miep had ze in een la gestopt en had ze Anne na de oorlog terug willen geven. Maar Anne kwam niet terug.

Het boek © Anne Frank Stichting

Moment 8 / Het boek

En daarom had Otto Frank ze gekregen op de dag, nu bijna twee jaar geleden, dat hij hoorde dat Margot en Anne niet meer leefden. Tijdens de onderduik had Anne iedere avond haar dagboekaantekeningen in een oude aktetas gestopt en die bij zijn bed gezet. Hij mocht, nee hij moest erop passen. Nooit had hij een regel in haar dagboeken gelezen. Hij zag nog voor zich hoe op de dag van de arrestatie de SD-officier die tas op de kop had gehouden en hoe Annes papieren op de grond waren gevallen. Wat was er veel gebeurd sindsdien.

In het begin had hij alleen maar kleine stukjes gelezen. Annes verhalen over hun leven in het Achterhuis grepen hem zo aan dat hij het bijna te moeilijk vond. Van de acht onderduikers was hij de enige die nog leefde. Ze kwamen al lezend weer tot leven. Het deed te veel pijn.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het boek © Anne Frank Stichting

Moment 8 / Het boek

Maar na een tijdje werd hij helemaal gegrepen door de verhalen van zijn dochter. Wat kon Anne geweldig schrijven! Wat had ze oog voor de kleinste details en wat had ze de karakters van mensen goed beschreven. Van gebeurtenissen had ze zo goed verslag gedaan, dat hij ze weer helemaal voor zich zag. Ze schreef met humor, maar ook met ernst en met verdriet. Hij was verbaasd, verbijsterd zelfs dat zij over zoveel dingen had nagedacht. Haar gedachten en haar emoties gingen zoveel dieper dan hij ooit had vermoed.

Hij werd zo geboeid door de dagboeken dat hij er wel over moest vertellen! Hij deelde stukken tekst met vrienden en vertaalde delen van de dagboeken voor de familie in het Duits. ‘Moet je nu toch horen wat Anne schrijft,’ zei hij dikwijls tegen Miep en Jan die hem liefdevol in huis hadden genomen na de oorlog. Maar zij vonden het ook vreselijk moeilijk Annes woorden te horen.

Er waren vrienden die tegen hem zeiden dat hij de dagboeknotities wel uit moest geven. Omdat mensen moesten weten hoe het geweest was. Omdat jong en oud zoveel konden leren van Annes verhaal. En vooral: omdat het Annes diepste wens was. Hij had erg aan dat idee moeten wennen. Annes dagboeken waren zo privé. Er stonden stukken in die niemand iets aanging, zoals die waarin ze onaardig schreef over haar moeder. Hij wist wel dat zij niet altijd een goede band hadden gehad. Maar moest iedereen dat nu zomaar te weten komen? Anne en Edith waren er niet meer.

Zijn vrienden hadden hem overtuigd. Annes dagboeken waren zo bijzonder dat veel meer mensen het moesten lezen. Sindsdien had hij zijn best gedaan een uitgever te vinden.

Nu is het voorjaar 1947. Otto Frank houdt Het Achterhuis in zijn handen. Drieduizend stuks zijn er gedrukt. Anne wilde zo graag schrijfster worden. Anne is nu schrijfster.

Moment 8 / Quiz

Feedback

De volledige titel van het boek is: "Het Achterhuis. Dagboekbrieven van 14 juni 1942 tot 1 augustus 1944". Vaak wordt de uitgave "Het Achterhuis" genoemd.

Nog een vraag

Moment 8 / Historisch kader

Tijdens de Tweede Wereldoorlog hielden veel mensen net als Anne Frank een dagboek bij. Anderen schreven brieven over hun belevenissen, honger, verdriet en zorgen aan familie of andere dierbaren. Weer anderen schreven gedichten of verhalen of maakten (stiekem) foto’s.

Al tijdens de oorlog groeide het besef dat dit soort persoonlijke documenten na de oorlog erg belangrijk zouden worden om een beeld te krijgen van hoe mensen die moeilijke jaren waren doorgekomen. Het publiceren van persoonlijke verhalen zou mensen er bovendien aan herinneren dat dit nooit meer mocht gebeuren.

In maart 1944 deed minister van Onderwijs, Kunsten en Wetenschappen Gerrit Bolkestein tijdens een uitzending van Radio Oranje een oproep om persoonlijke documenten goed te bewaren. Toen Anne en de andere onderduikers deze oproep hoorden, begreep Anne meteen dat dit ook over haar dagboek ging. Ze twijfelde nog even of haar verhalen wel interessant genoeg waren, maar besloot een paar weken later dat ze haar dagboek ging herschrijven. Na de oorlog zou zij daarvan een echt boek maken. Maar Anne kreeg niet de kans haar werk af te maken, omdat ze in augustus van datzelfde jaar 1944 werd gearresteerd.

Moment 8 / Historisch kader

Annes dagboek is wereldberoemd geworden. Toch waren uitgevers in de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog terughoudend met het uitgeven van bijvoorbeeld oorlogsdagboeken. Nederland wilde vooruitkijken en de oorlog zo snel mogelijk vergeten. Nederland was bovendien in verwarring. De verhalen die naar boven kwamen over het onmenselijk leed dat de Joden was aangedaan, waren bijna te zwaar om te dragen. Mensen waren geschokt door dit intense kwaad.

Min of meer toevallig kreeg historicus Jan Romein in 1946 een versie van het uitgetypte dagboek van Anne in handen. Hij was er zozeer door geraakt dat hij er een column over schreef voor Het Parool. Die plaatste het op de voorpagina.

Romein schreef: ‘Toen ik het uit had, was het nacht en het verwonderde mij, dat het licht nog brandde, dat er nog brood en thee te krijgen waren, dat ik geen vliegtuigen hoorde ronken en geen soldatenlaarzen klonken op straat, zóó had de lezing mij gevangen en teruggevoerd naar de onwezenlijke wereld, die nu al bijna weer een jaar achter ons ligt.’

Historisch kader © Anne Frank Stichting

Moment 8 / Historisch kader

In Nederland was inmiddels het Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie opgericht waar de persoonlijke documenten waar Bolkestein op Radio Oranje om had gevraagd werden onderzocht en bewaard. Annes dagboek was heel bijzonder, concludeerde Romein. Hij schreef dat hij zich bijna niet kon voorstellen dat er ook maar een ander document bij het instituut zou liggen dat ‘zóó zuiver, zóó intelligent en toch zóó menschelijk’ was als Annes dagboek. Toen was een uitgever snel gevonden.

Sindsdien zijn er veel verhalen verschenen. Nog steeds komen persoonlijke documenten tevoorschijn die een beeld geven van de verschrikkingen die mensen hebben moeten doorstaan in de Tweede Wereldoorlog. Annes dagboek is van al die publicaties wel de allerberoemdste. Miljoenen mensen in tientallen landen hebben haar werk gelezen. En nog eens miljoenen hebben de plek bezocht waar Anne en haar familie ondergedoken zaten: het Achterhuis.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Historisch kader © Anne Frank Stichting

Quiz / Resultaat

Je beschikt duidelijk over de basiskennis over Anne Frank! Deze kennis komt goed van pas bij het lesgeven over haar. Bij het voorbereiden van de lessen staat bij elk lesonderdeel nog extra historische informatie. Daardoor beschik je over nog meer kennis en kun je de vragen van de leerlingen beantwoorden.

Jouw score

9/10

9 van de 10 goed, goed gedaan!

Opnieuw proberen

Quiz / Resultaat

Je hebt niet alle vragen juist beantwoord. Wanneer je lesgeeft over Anne Frank is het goed als je op de hoogte bent van haar leven en historische feiten over de Tweede Wereldoorlog. Zorg ervoor dat je je lessen goed voorbereidt. Bij het voorbereiden van de lessen staat bij elk lesonderdeel nog extra historische informatie zodat jij de ins en outs weet en vragen van de leerlingen kunt beantwoorden.

Jouw score

9/10

9 van de 10 goed, dat kan beter!

Opnieuw proberen